027 Pingels en bliepgeluidjes

(14.30 uur vanuit een broeierig Haarlem)

Ik doe er net zo hard aan mee. De ‘verdigitalisering’. Zoals jullie weten zet ik namelijk ook regelmatig een berichtje via mijn mobiel online. Een hightec dingetje met GPS, 3G verbinding, WiFi en de hele rataplan. Handig voor als je veel onderweg bent. Altijd je foon kunnen opnemen, je mail kunnen openen en je smsberichten kunnen lezen hoort bij de wereld van vandaag. We kunnen ons niet meer voorstellen hoe het ook al weer was om mobielloos door het leven te gaan. Maar in de jaren negentig hebben we ons toch echt gered met vaste lijnen, belkaarten en telefooncellen. Wat moet dat heerlijk rustig zijn geweest…

Eigenlijk steekt het me. Dat ik zo toegewijd ben aan wat zich in de digitale wereld afspeelt. Iedereen moet en wil altijd maar online zijn. Een vorm van digitale verslaving? Het laatste nieuws checken, mails versturen op het terras en klagen bij slecht bereik. Alles aan iedereen vertellen. In Nederland zijn er momenteel ruim dertien miljoen mobieltjes in gebruik. En je hebt er een hele dagtaak aan om al je ‘vrienden’  en contacten op de hoogte te houden. Want iedereen doet tegenwoordig wel aan enige vorm van sociaal netwerken. Twitter, Facebook, Flickr, MySpace, Hyves, Linkedin, MSN, tig verschillende emailadressen voor werk en thuis… Ik ben het spoor wel eens bijster.

Ook aan boord van een vliegtuig stopt dit natuurlijk niet. Voor vertrek nog even snel een belletje plegen, een mailtje typen of sms’je sturen. Het is dan natuurlijk vréselijk vervelend om door de stewardess gesommeerd te worden je elektronische apparatuur uit te schakelen. Wat nou ‘gereed voor vertrek’, ziet ze niet dat ik nog aan het bellen ben? Ik ben pas gereed als ik dit heb afgehandeld. Ze wachten maar even. Of ik mijn telefoon nú uit wil doen…? Waarom? Oh, de flight safety uitleg over hoe de nooduitgang werkt? – Zucht – Vooruit dan maar. ”Ja, ZE wil dat ik nu ophang Wim, bel je zo terug als we geland zijn.”

Het vliegtuig heeft zijn gestel nog niet eens op het asfalt geplant of men zet zijn mobieltje weer aan. Talloze bliepgeluidjes en pingelings vullen de cabine. Checken of er iets ‘gemist’ is gedurende dat uurtje dat we frappant genoeg tegelijkertijd in- en uit de lucht waren. Want helaas voor de  bereikbaarheidsfreaks is er nog geen mobiel netwerk op tien kilometer hoogte. Of je moet al in het bezit zijn van een peperdure satelliettelefoon (bellen vanaf twee euro vijftig per minuut en dat is nog exclusief de aanschaf van het apparaat zelf: ongeveer 1500 euro…).

“Heee hai met mij. (…) Ja goed en met jou? Waar ben je?”
“Ja aan boord van de vlucht naar Wenen. Ik heb net mijn tas in de bagagebak gegooid en maak nu… *klak* mijn stoelriem vast,”
Elke boe of bah uit je leven moet tegenwoordig aan de buitenwereld worden meegedeeld. Middels je actuele WieWatWaar status moet iedereen weten waar je uithangt. “Vijf weken backpacken door de boeshboesh @ Tanzania”, is een verkapte manier van zeggen: hallo inbrekers! Mijn huis is voor langere tijd onbewoond, dus haal de boel maar leeg! En wil ik die foto van een zojuist bevallen collega die haar pasgeboren baby met bloed, navelstreng en al nog vasthoudt echt zien?

Hm. Ik merk dan ook dat er in mij iets begint te borrelen tegen dit soort ongegeneerde publiekelijke uitspattingen en ontboezemingen. Een anti-tendens steekt de kop op. Zo heb ik onlangs mijn Facebook account opgeheven, verdiep ik me niet in Flickr en MSN ik eigenlijk alleen nog met mijn oma.

Aan mij gaat regelmatig het een-en-ander voorbij. En daar ben ik maar wat blij om. Want dat scheelt me heel wat nutteloze informatieve overdaad. Als je voor je werk vier dagen in den buitenlande bivakkeert is het onmogelijk om van alles op de hoogte te blijven. Heerlijk vind ik dat. Net zoals op vakantie gaan. Want zeg nou zelf, het is toch fijn om even zonder televisie en internet te zitten, in een gebied zonder mobiel bereik. Meer aandacht voor je eigen leven, je directe omgeving en wat daar in speelt. Ik laat vaker mijn telefoon en computer bewust uit staan. Zo probeer ik meer plaats te maken voor de kleine tastbare geneugten. Een uitnodigend uitwaaimoment op het strand. De zon op mijn bol tijdens een wandeling door de stad. De geur van pasgemaaid gras. Een goed gesprek face-to-face. Een kop koffie met vriendinnen. Een liefdevolle aanraking. Zo fijn. En daar heb ik helemaal geen multimedia voor nodig.

4 comments to 027 Pingels en bliepgeluidjes

  1. Erwin zegt:

    Respect voor “Oma Dotje” met haar MSN
    Dat vind ik nou helemaal geweldig:-)

  2. Rinus zegt:

    Er is dan wel een blog welk uodate is, maar aan een mobiel zullen ze weinig aan verdienen, zelden aan en lekker rustig!.
    Groet Rinus.
    Oja, ik ga eens een keer op een Zaterdag (10 Juli) vanaf Schiphol vertrekken, wat een puin zooi met die koffers,lange rijen en ander zaken uit het jaar kruik!.
    Niks werkte op Schiphol en de meesten hadden dagen geen koffer op hun vakantie adres.
    Maar goed, terug ging alles weer soepel.

  3. Babe… zijn mijn woorden…
    Maar ‘t kutte is: op afstand wonen wil je wel af en toe (goedkoop) mensen op de hoogte houden.
    Die ene week van mij, telefoonloos, was goddelijk. Jammer van de wekker echter. Toen was ik verplicht m’n computer met skype aan te laten staan zodat m’n zus me wakker kon bellen…

    Kiss uit Phoenix. Ik mis je. En Paterswolde. En verse komkommers en tomaten en aardbeien. En kaas en de HEMA.
    x ZUllen we een proost doen op ons? Gewoon op afstand? Mag tevens met koffiemok!

  4. martijn zegt:

    Leuk geschreven!

    Deze zin komt mij erg bekend voor: ‘“Vijf weken backpacken door de boeshboesh @ Tanzania”, is een verkapte manier van zeggen: hallo inbrekers! Mijn huis is voor langere tijd onbewoond, dus haal de boel maar leeg!’

    Dit roep ik ook altijd naar mensen die dit op Hyves zetten, iedereen denkt echter dat het wel meevalt. Ook de politie waarschuwt mensen via de media hiervoor.

    Het is bijna net zo dom als een briefje op de voorruit van je voordeur aan een van de jongste kinderen: ‘Mama is boodschappen doen, de sleutel kun je vinden onder de bloempot in een boterhamzakje’

    @Erwin, dat is zeker geweldig. Dat kan ik van mijn Opa & Oma niet zeggen!