002 Pannenkoek op een stokje

(09.46 uur op mijn laptopconstructie vanaf de ontbijttafel)

Sinds dat mijn laptop bijna twee jaar geleden in aanraking kwam met een vers ingeschonken bruisend glas Pepsi Max Cola is-ie nooit meer hetzelfde geweest. Want nog steeds als het heethoofd slechts enkele minuten warm draait begint het uit zichzelf allerlei toetsencombinaties te produceren. Dus het hele idee achter een ‘notebook’ (lees: een klein licht handig formaatje dat je als het ware als een notitieblok in je tas stopt) is een beetje verdwenen. Ik werd laatst door een collega uitgelachen toen hij mij m’n werkstation en aanverwante artikelen uit mijn koffer zag halen. Want om enigszins nog de controle te houden over welke toetsen op mijn scherm verschijnen heb ik een groot extern toetsenbord met USBkabel nodig. Deze plaats ik over het op hol geslagen toetsenbord. Maar omdat ik dan niet meer bij mijn touchpad muis vierkantje kan, heb ik ook een externe muis nodig. Lachwekkend? Kan ik me voorstellen. Maar verder functioneert het oude baasje nog prima. Het onhandige heen en weer gesjouw wordt wel meer en meer vervangen door mijn geavanceerde mobiele metgezel. Wisten jullie dat mijn site nu ook in een prachtig ‘mobiel formaat’ te bewonderen is? Zo kun je ook onderweg checken of er nog iets op life of LENOS te lezen valt.

Ondertussen knaag ik op de laatste happen Biogarde Yoghurt ontbijt met Cruesli. En draal ik met het aanvangen van een écht interessant verhaal. Buiten zie ik de zon vanachter de wolken gluren. Ik besef me dat dit weer mijn eerste echte online post is na een driekwart jaar sabbaticaliseren (woord bestaat nog niet in de van Dale). Ik moet zeggen dat ik het nog steeds wel een beetje griezelig vind. Want ik kan een nieuwe site met veel poeha presenteren. Een gelikt lay-outje erop knallen en mijn lezers informeren… Maar de echte interessante inhoud moet ik toch echt zelf produceren. Kan niet ontkennen dat ik wel even weer moet ‘inkomen’…

Dat doet me denken aan eind januari van dit jaar. Ik nam me voor om het eerst sinds twaalf jaar weer op de lange latten te gaan staan. Heel stoer had ik ’ja’ gezegd tegen een avondje ski plus kaasfondue op een overdekte skibaan. De skibril, het enige item dat mij nog restte  uit dat tijdperk, was reeds tijdens een gekke verkleedpartij voor een verjaardagsfeest gesneuveld. Dus gemotiveerd als ik was, sprokkelde ik alvast een knappe outfit bij elkaar.

Maar toen het moment dichterbij kwam kneep ik ‘m toch wel een beetje. “Uhm hah… ja eh, ik begin wel met de babypiste hoor…” krabbelde ik wat terug. Toegangspassen betaald.  Schoenen gepast, ski’s eronder geklikt en stokken erbij uitgezocht. In mijn witte Lidl skipak voelde ik me plots heel klein worden. Harkig glijdend begaf ik mij richting de ingang van het sneeuwwalhalla. Lachend en vol sierlijke eenvoud zag ik de mensen van de hoogste pistes naar beneden zoeven. Ik klemde mijn zweterige handjes gestoken in onberispelijke HEMA handschoenen stevig om de stokken. Nu zou het er op aan komen. Laat maar eens zien wat die stoere woorden en outfit waard zijn. Niet veel, bibberde ik.

Als een knurft glibberde ik het kleine oefenheuveltje van anderhalve meter omhoog. Met verkrampte beentjes kachelde ik in een slakkentempo naar beneden. Hm. Niet slecht. Maar toch… Ach wat zou het ook. Niet aanstellen LENOS. Het is toch net zoiets als met fietsen? Dat verleer je ook nooit. Hoppa, in de rij voor de paddenstoelenlift. Als het dan toch mis moest gaan, dan maar meteen zichtbaar voor het oog van alle coole ervaren skiërs en skowboarders. Hatsee! Nu moest ik wel. Grijp die pannenkoek op een stokje en blijf in het spoor van je voorgangers. Onhandig wankel, maar zonder kleerscheuren geraakte ik boven aan de piste. Nu kwam het er op aan. Ik ademde diep in en stortte mij de heuvel af. Niet bij nadenken. Gewoon gaan met die banaan. Ski’s parallel. Kom op je kunt het best.

Waarachtig. Warempel. Ik verbaasde zowaar mezelf. In prachtige onwennige bochtjes ging ik slalommend naar beneden. Twaalf jaar, ha-haa! Ik kon zelfs gevallen obstakel  hoopjes mens onderweg ontwijken. Een frisse koele ijzige wind op mijn wangen. Een heerlijk gevoel van euforie overviel me toen ik ook daadwerkelijk tot stilstand kwam onderaan de heuvel. Dat duurde veel te kort. Ik wil nog een keeeeeeer! Al prikkend en prakkend begaf ik mij weer naar de lift om voor een tweede keer te gaan. En een derde keer. En een vierde. Vijfde… Twintigste!

-oOo-

Zo. Er valt een last van m’n schouders. Ik werp een blik op de klok naast de schouw. Tijd om me klaar te maken voor mijn vlucht van straks. Een heen-en-weertje Praag.