053 Grüezi miteinand

(17.15 uur; de koel- en voorraadkast weer gevuld voor twee dagen sporten, eten, slapen en leven op eigen bodem)

Grüezi miteinand! Als het weer niet eens zo loopt als gepland zeg ik tegen mijn vader: “Het is luchtvaart, Jaap!!”.

Een gevleugelde uitspraak om mee aan te duiden dat iedere werkdag onverwachte wendingen kan hebben. Zo vlogen we München voorbij en werden het twee nachtjes Zürich op rij. Eindelijk eens de tijd om deze Zwitserse stad te leren kennen, tot voorkort had ik er slechts twee korte stops gespendeerd.

Ik was ingedeeld met een nieuwe cabinecollega in de bemanning, het waren haar eerste vluchten ‘los’, dus ik kon meteen mooi alle facetten van ons beroep laten zien. Het harde werken aan boord (volle vluchten en korte vliegtijd; dus even flink aanpoten), maar ook de gezelligheid binnen de crew en het ontdekken van een nieuwe stad.

Een bijtijds ontbijt met Birchermüesli en Kaffee bood ons een stevige bodem voor de dag. We namen de trein. Einzelticket nach Zentrum. Het was nog mistig en de zon scheen door de flarden heen. Dit leverde prachtige sprookjesachtige plaatjes op. We vingen onze verkorte citytrip aan met een ritje in de Polybahn. Een op een rails voorgetrokken kabelbaantreintje dat je naar hoger gelegen gebied brengt. Nog geen tweehonderd meter duurde de rit. Maar vanaf boven hadden we een prachtig uitzicht over de nog steeds in nevelen gehulde stad. De bergen piepten echter boven de wolken uit, zodat het mysterieuze luchteilanden in de verte leken. De straten waren al vroeg druk bevolkt met dure bolides. De ene nog glimmender dan de andere. Oversteken op eigen risico.

Vele ‘oehhs’, ‘ahhs’ en uitzichtfoto’s later daalden we de heuvel weer af, langs de universiteit, het oude centrum door. We slingerden ons een weg door de kleine straatjes met leuke kunstgaleriën en kleine boetiekjes. Om uit te komen bij de glinsterende Zürichsee. De zon scheen ondertussen in volle glorie. Bootjes dobberden vredig in het blauwe water terwijl krijsende meeuwen over ons hoofd vlogen. Ondanks dat het nog fris was, begaven de mensen zich massaal op de kade. Scholieren zaten in groepjes hun pauzeboterhammen te eten.  Zakenmannen kruisten ons pad voor een snelle snack. Eten op straat tijdens het middaguur lijkt Zwitsers gemeengoed te zijn. Wij besloten toch binnen even op te warmen en streken neer bij het populaire Tschingg. Een geliefde spot onder de Züricher jeugd. De verse sapjes, snelle pasta’s en hippe inrichting pasten prima in ons straatje.

Toch loop je op een dag als deze voortdurend op je horloge te kijken. De pick-up tijd bij het hotel was om vier uur ‘s middags. Op tijd terug zijn is echt een must, want er moet nog gewerkt worden. Het is dus voortdurend plannen en inschatten, hoeveel tijd we nog hebben en hoe laat we weer de trein moeten pakken. Want er doen namelijk al genoeg woeste verhalen de ronde over niet zo slimme collega’s die even dachten een leuk boottochtje langs de Noorse fjorden te maken … om hun overtocht uren later te eindigen in Zweden (!). Want de tocht bleek helemaal geen rondvaart te zijn. En er werd ook niet gestopt onderweg. Gevolg: een domme actie en een vertraagde vlucht. Bovendien vond ik één keer in de week te laat al meer dan genoeg….

We waren dus weer op tijd bij het hotel om ons in onze uniformen te hijsen en vlucht terug naar Amsterdam aan te vangen. Met een korte Warschau stop en een retourtje Genève sloten we de vierdaagse dienst af. Weer eentje voor in de boeken. Volgende week: paps mee naar Liverpool!

-oOo-

Hieronder een pagina uit  mijn Zwitsers fotodagboek …